Framing is storytelling in het kort

Met name politici verstaan de kunst van framing. Je bespeelt de publieke opinie door je woordkeuze.

framing en storytelling
Je kijkt door de bril van een ander. Vandaar 'framing'.

'Gister werd je als inbreker nog welkom geheten met koffie en gebak, vandaag is de dood van een inbreker het risico van het vak.' Joost Eerdmans weet hoe hij een belang moet framen. Je kijkt als het ware door de bril van Eerdmans, dus door zijn denkraam naar de werkelijkheid. Vandaar framing. De koning van deze techniek is natuurlijk, maar dan vooral in de zin van negative framing, Geert Wilders met vondsten als: grachtengordelelite, importbruiden, linkse hobby’s en kopvoddentaks. Positive framing was het beeld van Henk & Ingrid. Maar wat is framing nou eigenlijk en hoe kun je het gebruiken in de dagelijkse praktijk? 

framing is beeldvorming

Framing is beeldvorming via beeldspraak. Een frame is een - tenminste als je het bewust doet - geniepige, want manipulatieve voorstelling van zaken. Het geniepige zit ‘m in het woordgebruik: ‘Wij komen op voor de hardwerkende Nederlander.’ Je ziet Mark Rutte en je hoort die zin. En voor je het weet associeer je de lijsttrekker van de VVD met de ‘hardwerkende Nederlander’. En welke kiezer wil nou niet als hardwerkende Nederlander worden aangesproken? Dat je die hardwerkende Nederlander vervolgens zijn hypotheek-renteaftrek afpakt, maakt dan niet meer uit. De verkiezingen heb je er mooi mee gewonnen. Grappig genoeg zijn het geen clichés, maar heb je het wel altijd over een stereotypering. 


voorbeelden van framen

Het ‘Kunduz-akkoord’ is  een goed voorbeeld van negative framing. De vijf partijen die na de val van Rutte I tot een begrotingsakkoord kwamen, spraken aanvankelijk van een ‘historisch akkoord’. Maar de SP had het de volgende dag al over het Kunduz-akkoord. En omdat Kunduz klinkt als een mislukte politiemissie die getuigt van opportunisme en naïviteit, klinkt ‘Kunduz-akkoord’ ook als een onverantwoorde deal. Dan sta je als vijfpartijen-coalitie meteen met 2 – 0 achter. 

 

PS 1: Na een aantal incidenten hadden we het in de zomer van 2018 opeens over een 'steek-Syriër'. Een stereotypering inderdaad. Mensen die daar geen moeite mee hebben, zouden desgevraagd zeggen dat van zo'n woord een waarschuwingssignaal uitgaat: Een Syriër? Wees op je hoede! Maar ja, hoe weet je of iemand uit Syrië komt? Is het geen Irakees? Een Libanees? Bij alle moslims dan maar op je hoede? Maar hoe weet je nou of iemand moslim is of misschien een hele andere geloofsovertuiging aangedaan is? Je ziet dat stereotyperingen grofmazig werken. En dat is alleen maar prima als dat in je eigen land gebeurt.     

 

PS 2: Leerlingen van het VMBO hadden in 2018 moeite met de etikettering van 'lager-opgeleiden'. Waarom in Godsnaam hadden we het over 'lager-opgeleiden'? Tja, je kunt moeilijk over 'hoger-opgeleiden' praten als je dan geen lager-opgeleiden hebt. Dus de term 'hoger-opgeleiden' ontleent zijn bestaan zou je kunnen zeggen aan de term 'lager-opgeleiden'. Die aanduiding hebben de lager-opgeleiden natuurlijk nooit zelf in omloop gebracht. Maar nou zijn er aan het bestaan van een student toevallig wel een aantal voordelen verbonden die hun leeftijdgenoten mislopen, simpelweg omdat ze geen 'student' zijn, maar leerling. En dus gingen er stemmen op om leerlingen op het VMBO ook student te noemen. Dan zouden ze ook in aanmerking komen voor die voordelen. Maar je verandert de inhoud natuurlijk niet door het etiket aan te passen. Sterker nog: het hele onderscheid is door het ministerie van Onderwijs bewust gecreëerd en in stand gehouden juist DOOR die verschillende labels op vroeg-volwassenen te plakken. VMBO'ers studenten noemen? Onzin! Maar ophouden om jong-volwassenen in te delen in categorieën als laag-opgeleiden en hoog-opgeleiden. En iedereen in dezelfde opleidingssituatie ook dezelfde faciliteiten bieden. 

 

PS 3: In de zomer van 2018 werd bekend dat het team achter het bid voor de organisatie van het WK voetbal van 2022 in Qatar concurrerende landen in 2010 heeft zwartgemaakt met een geheime campagne. Dat meldde The Sunday Times op 29 juli.

Het Qatarese bid-team heeft een Amerikaans communicatiebureau en voormalig CIA-agenten ingehuurd om negatieve informatie naar buiten te brengen over de concurrentie, met name Australië en de Verenigde Staten. Doel was om het beeld te creëren dat er geen draagvlak was in die landen voor de organisatie van het WK. Zo werd 9.000 dollar betaald aan een vooraanstaande wetenschapper voor het schrijven van een negatief rapport over de hoge kosten van een eventueel WK in de Verenigde Staten. Verder werden onder meer journalisten, bloggers en bekende personen betaald om de negatieve aspecten van het Amerikaanse bid eruit te lichten.  

positief framen

Elke vuile campagne maakt gretig gebruik van negative framing. Geen wonder dat Pechtold, Slob, Sap, Buma en Rutte meteen in het tegenoffensief gingen en het hadden over het Lente-akkoord. Als de presentator van dienst dan vroeg: ‘U bedoelt het Kunduz-akkoord’, zag je aan hun reactie dat ze precies wisten waar dit spelletje om ging: beeldvorming. begint het te dagen? Nog een voorbeeld: de JSF. Dat ding gaat een takkeherrie veroorzaken. Omwonenden laten hun stem nu al horen. Minister Plaschaert, gevraagd naar een reactie, toont zich begripvol. Tuurlijk. En als dan de interviewer doorvraagt en op die herrie komt, zegt ze met een verbaasd gezicht: 'Maar dat is toch geen lawaai? Dat is de sound of freedom.'  

framing en media

De entree van het begrip framing in de politiek danken we aan George Lakoff. In 2004 publiceerde de Amerikaanse taalwetenschapper het boek Don’t Think of an Elephant. De titel laat precies zien hoe framing werkt: zeg iemand niet aan een olifant te denken en het eerste waaraan hij denkt, is een olifant. In Nederland kwam Hans de Bruijn vorig jaar met een boek op de markt, getiteld ‘Framing’. Sindsdien is het onderwerp nooit ver weg in de media.

framing en storytelling

Eigenlijk is framing storytelling in het kort. Door het gebruik van één zin of één woord geef je een issue een positieve of negatieve lading mee door het (woord)beeld dat je oproept. Dat beeld (frame) maakt dat anderen het onderwerp alleen nog maar op die manier (positief of negatief) zien. Daarom moet je ook goed nadenken over de naam van een controversieel project. Neem de Betuweroute. Die naam roept associaties op van bloeiende boomgaarden en boerderijen in het groen. Alleen is dat geen gelukkige naam als het spoortraject juist daar massale onteigening tot gevolg heeft. Dan zou je bij zo’n traject kunnen zeggen: ‘We leggen een spoorlijn aan’. Maar dat is nauwelijks richtinggevend en betekenisvol. Je kunt ook zeggen: ‘We verbinden Rotterdam met het Ruhrgebied’ of nog beter iets in de trant van: 'Gateway to China'. Dan zijn die boerderijen opeens van minder belang. 

storytelling en narratief

Het bevestigen en verwoorden van vooroordelen. Dat is wat framing doet. Frames zetten zich als ankerpunten in je hoofd. Als er dan weer eens wat gebeurt dat aan zo'n ankerpunt raakt, schiet je meteen een vertrouwde straat in. Die straat is dan het narratief. Framing en narratief verhouden zich tot elkaar als een foto tot een film. 

Verder praten over framing of over storytelling? Wij maken graag kennis.

Opmerking: De met * gemarkeerde velden zijn verplicht.

Framing, Hans de Bruijn


Framing | Hans de Bruijn

(managementboek.nl)

 

Don't think of an elephant, Lakoff

Don't think of an elephant, George Lakoff

(Bol.com, alleen Engels)

 


Reactie schrijven

Commentaren: 0